Een groendak is meestal ontworpen om met weinig onderhoud toe te kunnen. De planten voor zo’n dak zijn bijvoorbeeld sterk en hoeven niet vaak gesnoeid of bemest te worden. Een slim opgebouwd groendak met de juiste planten is dus redelijk makkelijk qua verzorging. In dit artikel leggen we je uit welk groendak onderhoud er plaats moet vinden. Dat hangt onder andere af van hoe uitgebreid je dak is ingericht.

Het soort groendak heeft invloed op het onderhoud

groendak onderhoudJe kunt een groendak zo groot en complex maken als je zelf wilt. Zolang je dak zijn bedekking kan dragen, kan er je een diepe laag aarde, sierkeien, boompjes, tegels en andere inrichtingselementen op kwijt. Je snapt vast wel dat je veel onderhoud kwijt bent aan het snoeien, bemesten en wieden van een dergelijke groot opgezette daktuin. De meeste mensen hebben een eenvoudiger groendak. De meest gebruikte manier om een dak te vergroenen is in feite waarschijnlijk de toepassing van sedummatten. In dat geval heb je te maken met een dunne laag aarde met daarin oersterke vetplantjes, waar je nauwelijks omkijken naar hebt. Tussen deze twee uitersten vind je andere inrichtingen voor je groendak, elk met hun eigen onderhoudsbehoefte.

Hoe veel en hoe vaak is er onderhoud nodig?

Wat de hoeveelheid onderhoud betreft, is er is een groot verschil tussen de verschillende groendaken. Maar in alle gevallen gaat het om een levend systeem met aarde, vegetatie en alle zaken die daarbij komen kijken. In grote lijnen kan je dus verwachten dat je dezelfde werkzaamheden moet uitvoeren bij elk type groendak. Bij de eenvoudigere groendak ben je daar alleen veel minder tijd en moeite aan kwijt.

Welke soorten onderhoud er nodig kunnen zijn

Een groendak kan behoefte hebben aan de volgende soorten onderhoud.

  • Snoeien. Het verwijderen van overtollige biomassa (bladeren en stengels) van planten. Uitgebloeide bloemstelen verwijderen. Zorgen dat snelgroeiende planten hun buren niet overwoekeren. Planten terugsnoeien naar een aantrekkelijke vorm.
  • Bemesten. Toedienen van (kunst)mest zodat planten beter groeien en bloeien en/of meer vruchten dragen. Uitputting van de beperkte grond op het dak tegengaan.
  • Water geven. De grond en de planten water geven met behulp van gieters, emmers of een tuinslang. Zorgen dat planten niet verwelken, zeker in de hete zomer en als het weinig heeft geregend.
  • Wieden. Verwijderen van onkruid, mos en andere ongewenste planten. Weghalen van zaailingen van bomen. Stenen en andere oppervlakten reinigen van algengroei.
  • Zaaien en planten. Zorgen voor nieuwe beplanting door zaaien of het planten van jonge zaailingen.
  • Oogsten. Het wegnemen van bloemen, eetbare plantdelen en vruchten van planten die om die reden zijn aangeplant.
  • Plaagbestrijding. Verdelgen van insekten, slakken en andere organismen die de planten bedreigen.
  • Afval ruimen. Weghalen van organisch afval (bladeren, takken, dode planten) en anorganisch afval (plastic, papier).
  • Waterafvoer vrijmaken. Verwijderen van blokkades en afval in goten. Verwijderen van ongewenste planten uit goten en grind voor waterafvoer. Verwijderen van eventueel weggestroomde substraataarde uit de waterafvoer.
  • Schade herstellen. Matten met beplanting goedleggen en vastzetten. Omgewaaide planten stutten of weghalen. Schade aan het dak door storm, regen of blikseminslag herstellen.

Welk onderhoud hebben de verschillende groendaken nodig?

Er zijn meerdere soorten groendaken, elk met hun eigen typische behoefte aan onderhoud. Hieronder zie je ze in oplopende volgorde van complexiteit,

Sedumdak

Dit dak heeft een heel ondiepe substraatlaag en is alleen maar begroeid met laagblijvende, zeer sterke vetplanten. Water geven hoeft alleen in de allerheetste zomers. Snoeien is niet per se nodig en mest geven (speciale langzaamwerkende groendakmest) is pas na meerdere jaren aan de orde.

Bloemen- en kruidendak

Dit dak heeft een iets diepere substraatlaag. Ook hier zijn vetplanten een veel gebruikte bedekking. Maar siergrassen, bloemplanten en geharde kruiden zijn mogelijk voor de beplanting. Deze planten hebben twee keer per jaar groendakmest nodig. Ook moet er in droge perioden water worden gegeven. Aan het einde van het seizoen moeten overblijvende planten gesnoeid worden.

Turfdak

Een makkelijk aan te leggen groendak, dat opgebouwd is met zakken turf waarop planten wortelen. Hierop groeien meestal ruige grassen, inheemse plantensoorten en heide. Het moet af en toe bemest worden, en in droge perioden moet het redelijk vaak bevloeid worden, zodat de turf niet uitdroogt. Verder is dit een vrij onderhoudsarm groendak.

Groentedak

Dit dak is bedoeld om groenten op te verbouwen en heeft een vergelijkbare onderhoudsbehoefte als een kleine moestuin. Elk jaar moeten er nieuwe planten gezaaid en/of geplant worden, en moet de grond omgespit en bemest worden. Voor het rijpen van groenten en vruchten is een regelmatige bevloeiing noodzakelijk. Ook moet er regelmatig gewied worden en moeten pestsoorten die de groenten aantasten verdelgd worden.

Daktuin

Een daktuin bevat een diepe laag substraat en biedt plaats aan struiken, boompjes, sierstenen en de grotere soorten planten voor de rotstuin. Vaak wordt er in een daktuin gerecreëerd. De onderhoudsbehoefte is hetzelfde als die van een normale tuin. Er moet dus gewied, bemest, bevloeid en gesnoeid worden.

Verkeersdak

Een zeer groot groendak, vaak op of over openbare locaties aangebracht, die soms dient als tuin, speelveld of parkeergelegenheid. Dit groendak wordt op dezelfde manier onderhouden als het groen in de openbare ruimte, inclusief machinaal maaien, snoeien en spuiten tegen ziekten.